'Elke XTC-bende op te rollen met huidige bevoegdheden'

Discussion in 'Nieuws over drugs' started by mopsie, Sep 19, 2006.

  1. mopsie

    mopsie Gold Member

    Reputation Points:
    260
    Messages:
    1,103
    Joined:
    Apr 14, 2005
    from Brazil
    dinsdag, 19 september 2006
    Regelmatig klinkt de roep om uitgebreidere of nieuwe opsporingsbevoegdheden. Senioronderzoeker Toine Spapens concludeert echter na bestudering van bijna 50 opsporingsonderzoeken naar XTC-bendes dat élke groepering kan worden opgerold met de huidige bevoegdheden - mits er voldoende mankracht en middelen worden ingezet. Spapens promoveert op vrijdag 27 september 2006 aan de Universiteit van Tilburg.

    In het Haagse klinkt regelmatig de roep om uitgebreidere of nieuwe opsporingsbevoegdheden voor de politie omdat zij de strijd met georganiseerde criminelen zouden verliezen. Criminelen zouden zich snel aanpassen aan regels en na verloop van tijd zouden enkel de 'beste' groepen over blijven. De Tilburgse senioronderzoeker Toine Spapens concludeert echter in zijn proefschrift dat XTC-bendes juist weinig flexibel zijn. Zelfs wanneer zij weten dat ze in de gaten gehouden worden, gaan ze door op de ingeslagen weg. Ook van een survival of the fittest is geen sprake, aldus Spapens.

    Tot nu toe is er weinig wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd naar het aanpassingsvermogen van criminele organisaties, terwijl uitbreiding van opsporingsbevoegdheden ook de privacy van 'gewone burgers' kan bedreigen. Spapens spitte door beleidsnota's, kamerstukken en 48 dossiers van grootschalige opsporingsonderzoeken die tussen 1996 en 2004 in het zuiden van Nederland zijn uitgevoerd. Zijn doel was het aanpassingsvermogen van criminele bendes aan nieuwe wet- en regelgeving systematisch te analyseren.

    Mankracht
    Spapens concludeert in zijn proefschrift 'Interactie tussen criminaliteit en opsporing' dat elke criminele groepering kan worden opgerold mits er voldoende mankracht en middelen wordt ingezet. Criminele groeperingen verbeteren hun afschermingmethoden wel, maar dat gaat betrekkelijk traag. Afspraken met klanten en leveranciers zijn niet snel en straffeloos te wijzigen, ook omdat het bedrijfsproces dat nodig is om XTC te kunnen produceren en verhandelen ingewikkeld is. Criminelen werken bovendien vrijwel uitsluitend met en via vertrouwde contacten. Arrestatie van de belangrijkste bendeleden betekende altijd het einde van de activiteiten van die bewuste groep. Wanneer de XTC-producenten en -handelaars weer opnieuw begonnen, deden zij dit met andere partners. Het is ook niet zo dat na verloop van tijd de 'beste' bendes overblijven, stelt Spapens. In de gehele onderzoeksperiode werden zowel goed afgeschermde als ‘amateuristische’ bendes opgerold. Tegen elke bende kon met voldoende mankracht en budget bewijsmateriaal verzameld worden. De belangrijkste 'pillenboeren' uit het zuiden zitten momenteel vast dankzij het intensieve opsporingsbeleid waarbinnen de Unit Synthetische Drugs een zeer belangrijke rol heeft gespeeld.

    Dat er desondanks nog XTC-producenten actief zijn, is het gevolg van het grote incasseringsvermogen van het criminele netwerk: anderen staan meteen klaar om het 'gat' op te vullen. En zodra criminelen de gevangenis verlaten, nemen ze vaak hun oude professie weer op.

    Spapens onderzocht ook hoe een crimineel netwerk functioneert. Hoe worden contacten gelegd? Hoe komt men tot de criminele samenwerking? En welke invloed kan de overheid door middel van opsporing uitoefenen? Aan de hand hiervan bouwde hij een theoretisch model dat een crimineel netwerk beschrijft. Het model biedt politie, justitie en politici inzicht in de beste strategieën om een crimineel netwerk te verstoren. Curriculum vitae

    Drs. A.C. (Toine) Spapens (1964, Goirle) studeerde politicologie in Nijmegen. Na zijn studie werkte hij als onderzoeker bij B&A Groep Beleidsonderzoek & Advies te Den Haag en als senioronderzoeker bij het instituut voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek IVA te Tilburg. Sinds 2004 is hij als onderzoeker verbonden aan de vakgroep strafrecht van de Universiteit van Tilburg. Sinds april 2006 is hij tevens senioronderzoeker bij Intervict, het internationale instituut voor slachtofferkunde van de UvT.

    Bron: Universiteit van Tilburg

    bron http://www.emea.nl/content/view/18287/85/